Onder de nieuwe pensioenwet is het nabestaandenpensioen vóór je pensioendatum uitsluitend nog een verzekering, geen spaarpot.
Dat betekent: je partner krijgt alleen een uitkering als je overlijdt terwijl je in dienst bent. Ga je uit dienst, dan loopt de dekking standaard nog drie maanden door en daarna vervalt hij.
Voor iemand met €50.000 salaris en een dekking van 50% gaat het om €25.000 per jaar, levenslang voor de partner. In kapitaal is dat €625.000 dat verdwijnt.
Dat is geen detailwijziging. Het is de belangrijkste verandering voor iedereen die van baan wisselt, een sabbatical neemt, zelfstandige wordt of eerder stopt met werken.
Wat er precies veranderd is
Vóór de nieuwe wet verschilden de regelingen sterk. Nabestaandenpensioen kon op opbouwbasis zijn, waarbij je een aanspraak opbouwde die bleef staan als je uit dienst ging, of op risicobasis, waarbij het een verzekering was.
Onder de nieuwe wet is het gestandaardiseerd:
| Oude situatie | Nieuwe situatie | |
|---|---|---|
| Vorm | Opbouwbasis of risicobasis | Alleen risicobasis |
| Hoogte gebaseerd op | Dienstjaren en pensioengrondslag | Percentage van je salaris |
| Bij uit dienst gaan | Opgebouwde aanspraak bleef staan | Vervalt na de uitloopperiode |
| Wezenpensioen tot | Wisselend, tot 30 jaar | Altijd tot 25 jaar |
De standaardisering is op zichzelf een verbetering: de regels zijn eenduidiger en wie kort in dienst is heeft dezelfde dekking als een collega met dertig dienstjaren. Dat laatste was voorheen niet zo.
Maar er zit een keerzijde aan, en die is groot.
De bedragen
Het partnerpensioen is een percentage van je pensioengevend salaris. Fiscaal mag het maximaal 50% zijn; wat jouw regeling doet kan lager liggen. Bij sommige fondsen is het 30%.
| Salaris | Bij 30% | Bij 40% | Bij 50% |
|---|---|---|---|
| €40.000 | €12.000 | €16.000 | €20.000 |
| €50.000 | €15.000 | €20.000 | €25.000 |
| €60.000 | €18.000 | €24.000 | €30.000 |
| €80.000 | €24.000 | €32.000 | €40.000 |
Wezenpensioen is maximaal 20% per kind, of 40% als beide ouders zijn overleden, en loopt tot het kind vijfentwintig is.
Belangrijk: er wordt geen rekening meer gehouden met een franchise, en het aantal dienstjaren doet niet meer mee. Alleen je salaris telt.
Wat er op het spel staat
Vertaald naar kapitaal, want dat maakt duidelijk waar het over gaat. Een levenslange uitkering aan je partner is bij 4% rendement contant waard:
| Salaris €50.000, dekking | Per jaar | Kapitaalwaarde |
|---|---|---|
| 30% | €15.000 | €375.000 |
| 40% | €20.000 | €500.000 |
| 50% | €25.000 | €625.000 |
En voor kinderen, bij 20% van €50.000 dus €10.000 per jaar tot hun vijfentwintigste:
| Leeftijd kind | Jaren recht | Contante waarde |
|---|---|---|
| 5 jaar | 20 | €135.903 |
| 10 jaar | 15 | €111.184 |
| 15 jaar | 10 | €81.109 |
Dit zijn de bedragen die drie maanden na je laatste werkdag verdwijnen.
De drie maanden die alles bepalen
Hier zit de kern, en het is precies waar mensen onbewust tussen wal en schip vallen.
Ga je uit dienst, dan loopt de risicodekking standaard nog drie maanden door. Sommige regelingen hanteren zes maanden; dat staat in je pensioenreglement.
Wat er in die periode kan gebeuren:
Je begint bij een nieuwe werkgever. De uitloopdekking stopt op dat moment, ongeacht of de nieuwe regeling een nabestaandenpensioen kent. Dat laatste is een aandachtspunt: heeft je nieuwe werkgever geen of een lagere dekking, dan is er een gat.
Je krijgt een WW- of Ziektewetuitkering. Dan loopt de dekking door zolang die uitkering loopt, tot maximaal twee jaar.
Er gebeurt geen van beide. Dan ben je na drie maanden onverzekerd.
Overzicht per situatie:
| Situatie | Dekking |
|---|---|
| Nieuwe baan binnen drie maanden | Gedekt |
| Nieuwe baan na vijf maanden | Twee maanden ongedekt |
| WW-uitkering | Gedekt zolang de WW loopt |
| Sabbatical van een jaar | Negen maanden ongedekt |
| Overstap naar zelfstandig ondernemerschap | Ongedekt na drie maanden |
| Stoppen met werken op je zestigste | Ongedekt na drie maanden |
Die laatste regel is voor deze reeks de belangrijkste, en hij komt terug in het artikel over de nadelen van vervroegd pensioen.
Wat dit betekent als je eerder wilt stoppen
Stop je vóór je AOW-leeftijd, dan sta je na drie maanden zonder nabestaandendekking, en dat duurt tot je pensioendatum.
| Stoppen op | Jaren zonder dekking |
|---|---|
| 55 | 12 jaar |
| 60 | 7 jaar |
| 62 | 5 jaar |
| 65 | 2 jaar |
Twaalf jaar zonder dekking, in de levensfase waarin het overlijdensrisico juist toeneemt. Dat is een risico dat in geen enkele brugberekening zit, ook niet in die uit het artikel over je FIRE-getal, want het is geen kostenpost maar een verzekeringskwestie.
Wie overweegt eerder te stoppen met werken, moet dit vóór de laatste werkdag geregeld hebben. Erna is het te laat, want dan is de keuzemogelijkheid verlopen en is een nieuwe verzekering afhankelijk van je gezondheid op dat moment.
Wat je kunt doen
Drie routes, en de eerste is de goedkoopste.
Vrijwillig voortzetten. Bij het einde van de uitloopperiode krijg je eenmalig de keuze om de risicodekking voort te zetten, door een deel van je opgebouwde pensioenvermogen uit te ruilen. Dat kost je dus ouderdomspensioen, maar het is een recht en er is geen gezondheidstoets. Voor het wezenpensioen kan dit doorgaans niet.
Een eigen overlijdensrisicoverzekering. Los van je werkgever af te sluiten, met een looptijd die je zelf kiest. De premie hangt af van je leeftijd, je gezondheid en het verzekerde bedrag, en die stijgt naarmate je ouder wordt. Afsluiten terwijl je nog gezond bent is dus verstandiger dan wachten.
Aanvaarden dat je het zelf draagt. Als je vermogen groot genoeg is om je partner levenslang te onderhouden, is een verzekering niet nodig. Reken dat wel uit in plaats van het aan te nemen: bij €25.000 per jaar praat je over €625.000 aan kapitaal.
Wat je in alle drie de gevallen moet weten: je uitvoerder moet je informeren over de keuze, maar het is jouw verantwoordelijkheid om ernaar te vragen. De AFM heeft er specifiek op gewezen dat deelnemers hierdoor onbewust onderverzekerd kunnen raken.
Na je pensioendatum ligt het anders
Belangrijk onderscheid dat verwarring wegneemt.
Alles hierboven gaat over overlijden vóór je pensioendatum. Overlijd je na je pensioendatum, dan krijgt je partner doorgaans een partnerpensioen van ongeveer de helft van je ouderdomspensioen, en dat is wél levenslang geregeld.
Op het moment dat je met pensioen gaat, heb je bovendien vaak de keuze tussen een hoger of lager partnerpensioen, uit te ruilen tegen je eigen uitkering. Die keuze moet je maken vóórdat je pensioen ingaat en hij is onomkeerbaar.
Bijzonder partnerpensioen na een scheiding
Ben je gescheiden, dan kan je ex-partner recht hebben op het deel van het partnerpensioen dat vóór het einde van de relatie was opgebouwd. Dat heet bijzonder partnerpensioen.
Onder het nieuwe stelsel bouw je geen partnerpensioen meer op, dus voor nieuwe situaties ontstaat er ook geen bijzonder partnerpensioen. Wat je vóór de overgang hebt opgebouwd, blijft doorgaans wel bestaan.
Ben je gescheiden en gaat je fonds over naar het nieuwe stelsel, vraag dan na wat er met die aanspraak gebeurt.
Waarom bijna niemand dit weet
Drie redenen die elkaar versterken.
Het is onzichtbaar. Een verzekering die je niet gebruikt merk je niet op. Pas als hij vervalt, en dan alleen als er iets gebeurt.
Het verandert gefaseerd. Fondsen stappen tot uiterlijk 1 januari 2028 over. Je regeling kan dus nog op de oude leest zijn, of net omgezet zijn, en dat verschil is groot.
Het valt buiten het moment. Wie van baan wisselt of stopt met werken heeft honderd andere dingen aan zijn hoofd. De brief over de keuzemogelijkheid komt op precies het verkeerde moment.
De praktische conclusie: kijk het na op een rustig moment, niet op je laatste werkdag.
Hoe Gylder hierbij past
Nabestaandenpensioen is een verzekering, geen vermogen, en het staat dus terecht niet in je vermogensoverzicht.
Wat wel telt is de vraag die eronder ligt: kan je partner rondkomen als jij wegvalt? Dat is een vergelijking tussen je vermogen en je uitgaven, en die twee cijfers levert Gylder wel.
Je vermogen wordt dagelijks bijgewerkt over bank, broker, crypto, edelmetaal en je woning met de hypotheek eronder. Je uitgaven worden automatisch gecategoriseerd. Daarmee weet je of het bedrag uit de tabel hierboven, €625.000 bij een dekking van 50%, iets is dat je zelf al hebt of iets dat je moet verzekeren.
Wat dit niet vertelt
Je regeling is bepalend. Het percentage, de uitloopperiode van drie of zes maanden, en of vrijwillige voortzetting mogelijk is: dat staat in je pensioenreglement.
Fondsen stappen gefaseerd over. Tot uiterlijk 1 januari 2028. Je huidige regeling kan nog de oude zijn.
Oude aanspraken kunnen blijven staan. Wat je vóór de overgang op opbouwbasis had opgebouwd, wordt vaak omgezet en blijft bestaan naast de nieuwe risicodekking. Vraag na hoe dat bij jou zit.
Dit is geen advies. Of je een aanvullende verzekering nodig hebt hangt af van je vermogen, je partner en je gezinssituatie.
Veelgestelde vragen
Wat is nabestaandenpensioen? Een uitkering aan je partner en kinderen als jij overlijdt. Vóór je pensioendatum is dat onder de nieuwe wet een verzekering die geldt zolang je in dienst bent.
Wanneer stopt het nabestaandenpensioen? Bij overlijden vóór je pensioendatum: drie maanden na je laatste werkdag, of zes bij sommige regelingen. Krijg je WW of Ziektewet, dan loopt het door zolang die uitkering loopt.
Hoeveel is het nabestaandenpensioen? Maximaal 50% van je pensioengevend salaris, maar veel regelingen zitten lager. Bij €50.000 salaris en 50% dekking gaat het om €25.000 per jaar.
Wat gebeurt er als ik zelfstandige word? Dan vervalt je dekking na de uitloopperiode. Je kunt eenmalig kiezen voor vrijwillige voortzetting of zelf een overlijdensrisicoverzekering afsluiten.
Wat is bijzonder nabestaandenpensioen? Het deel van het partnerpensioen waar je ex-partner recht op heeft na een scheiding. Onder het nieuwe stelsel ontstaat dit niet meer voor nieuwe situaties, maar oude aanspraken blijven doorgaans bestaan.
Krijgt mijn partner ook AOW? Dat hangt af van de eigen situatie van je partner en van diens leeftijd. Er bestaat daarnaast een nabestaandenuitkering van de overheid met eigen voorwaarden. Vraag dat na bij de SVB.