Sparen of beleggen: wat levert meer op in 2026?

Sparen of beleggen in 2026: wat beide opleveren, wat het verschil over twintig jaar betekent, hoe box 3 ermee omgaat en wanneer sparen wint.

Gylder Team5 min lezenLees met AI

Op een termijn van tien jaar of langer heeft beleggen in een brede aandelenindex historisch veel meer opgeleverd dan sparen, terwijl een spaarrekening beter is voor geld dat je binnenkort nodig kunt hebben. In 2026 levert sparen gemiddeld rond 1,3% op, terwijl pensioenfondsen voor aandelen tot 5,4% per jaar mogen aannemen, maar dat hogere rendement brengt echt risico mee.

De vraag is dus niet welke van de twee beter is, maar welk deel van je geld waar hoort. In dit artikel vergelijken we het rendement van sparen en beleggen in 2026 en rekenen we uit wat het verschil over twintig jaar betekent. Ook lees je hoe box 3 met beide omgaat, waarom de Autoriteit Financiële Markten (AFM) vindt dat veel huishoudens meer met hun spaargeld zouden kunnen doen en wanneer sparen toch wint.

Wat sparen en beleggen opleveren in 2026

Een Nederlandse spaarrekening levert op dit moment gemiddeld rond 1,3% per jaar op. De beste officiële indicatie is het voorlopige box 3-percentage voor banktegoeden over 2026, 1,28%, dat de Belastingdienst baseert op de werkelijke spaarrente. Met een inflatie van 3,3% in augustus 2026 volgens het CBS verliest spaargeld op dit moment koopkracht.

Voor aandelen bestaat geen vast actueel rendement, omdat koersen elke dag bewegen, en daarom helpt het om naar langetermijncijfers en officiële verwachtingen te kijken. De MSCI World, een index van grote bedrijven in ontwikkelde landen, leverde van eind 1987 tot 31 augustus 2026 gemiddeld 9,08% per jaar op, gemeten in dollars, met herbelegd dividend en vóór kosten. Voor prognoses mogen Nederlandse pensioenfondsen op beursgenoteerde aandelen maximaal 5,4% bruto per jaar aannemen, een percentage dat de overheid heeft vastgesteld op advies van een onafhankelijke commissie.

Wat het verschil over twintig jaar betekent

Kleine verschillen in rendement worden over lange periodes groot, omdat ook het rendement zelf weer rendement oplevert. Zet je € 10.000 tegen 1,28% op een spaarrekening en laat je het twintig jaar staan, dan heb je aan het eind € 12.897. Bij 5,4% per jaar groeit hetzelfde bedrag naar € 28.629, ruim twee keer zoveel. Beide bedragen zijn vóór kosten en belasting, en de uitkomst van beleggen is een verwachting en geen belofte, zoals ons artikel over samengestelde renteuitgebreider uitlegt.

Het verschil laat ook zien hoeveel koopkracht een spaarrekening je op den duur kost. Als de inflatie op 3,3% bleef, zou je over twintig jaar met € 12.897 minder kunnen kopen dan nu met € 10.000. Daarom rekenen we in ons artikel over koopkracht en reëel rendement altijd met het rendement na inflatie.

Waarom beleggen niet altijd beter is

Beleggen brengt risico met zich mee, en de AFM zegt het zonder omwegen: beleggen kan meer opleveren dan sparen, maar ook minder. Een aandelenindex kan binnen enkele maanden een groot deel van zijn waarde verliezen en er jaren over doen om te herstellen. Heb je het geld in die periode nodig, voor de aanbetaling van een huis, een auto of een inkomensdip, dan moet je misschien met verlies verkopen.

Daarom adviseert de AFM om voldoende spaargeld als buffer aan te houden en alleen te beleggen met geld dat je langere tijd kunt missen. Geld voor bekende uitgaven in de komende jaren hoort eveneens op een spaarrekening, al verliest het koopkracht, omdat je dan zeker weet dat het bedrag er is. In ons artikel over hoeveel spaargeld genoeg is lees je hoe groot die buffer kan zijn.

Hoe box 3 met sparen en beleggen omgaat

Box 3 belast beleggingen veel zwaarder dan spaargeld, omdat het in 2026 uitgaat van een fictief rendement van 6,00% op beleggingen tegenover 1,28% op banktegoeden. Een alleenstaande met € 110.000 spaargeld betaalt over 2026 € 233 aan box 3-belasting. Belegt diegene € 50.000 daarvan, dan stijgt de belasting naar ongeveer € 625, zo'n € 390 meer, ofwel elk jaar 0,78% van het belegde bedrag.

In het huidige stelsel moet beleggen dus minstens dat verschil méér opleveren dan sparen voordat het loont. Is je werkelijke rendement lager dan het fictieve, dan kun je vragen om belasting over het werkelijke rendement te betalen. Het kabinet wil het fictief rendement vanaf 2028 vervangen door belasting over het werkelijk rendement. De Eerste Kamer heeft de stemming over dat wetsvoorstel in juni 2026 uitgesteld, dus de regels voor de komende jaren zijn nog onzeker.

Hoeveel Nederlandse huishoudens beleggen

De meeste Nederlandse huishoudens houden hun vermogen op de spaarrekening. In haar onderzoek naar niet-beleggersstelde de AFM vast dat het aandeel huishoudens dat belegt tussen 2019 en 2024 steeg van 15% naar 19%. Ongeveer 800.000 huishoudens hebben genoeg liquide middelen om te beleggen maar doen het niet, en voor de helft van hen gaat het om meer dan € 30.000 boven de buffer die het Nibud aanraadt. De reden die ze het vaakst noemen, is gebrek aan kennis.

Hoe Gylder hierbij past

Gylder (gylder.nl) is een vermogensdashboard, geen budget-app. Het toont je spaarrekeningen en beleggingen naast elkaar met een dagelijks bijgewerkt totaal, zodat je ziet hoe je vermogen over beide verdeeld is en hoe die verdeling in de loop van de tijd verandert. Gylder geeft geen beleggingsadvies en voert geen transacties uit.

Wat dit niet vertelt

Rendementen uit het verleden zijn geen garantie voor de toekomst, en de 5,4% is een bovengrens voor prognoses van pensioenfondsen, geen voorspelling voor jouw portefeuille. Kosten, valuta-effecten, je eigen belastingsituatie en hoe lang je het geld kunt laten staan veranderen allemaal de uitkomst. Dit artikel is algemene informatie, geen financieel advies.

Veelgestelde vragen

Is sparen of beleggen beter in 2026? Voor geld dat je tien jaar of langer kunt laten staan, heeft beleggen in een brede index historisch meer opgeleverd. Voor een buffer en voor uitgaven in de komende jaren is een spaarrekening de veiligere plek.

Hoeveel meer levert beleggen op dan sparen? Over twintig jaar groeit € 10.000 bij 1,28% spaarrente naar € 12.897 en bij 5,4% per jaar naar € 28.629, vóór kosten en belasting. De uitkomst van beleggen is een verwachting en geen garantie.

Hoeveel spaargeld moet ik aanhouden voordat ik ga beleggen? De AFM raadt aan eerst voldoende spaargeld als buffer aan te houden en alleen te beleggen met geld dat je langere tijd kunt missen.

Betaal ik in box 3 meer belasting over beleggingen dan over spaargeld? Ja. In 2026 gaat box 3 uit van een rendement van 6,00% op beleggingen en 1,28% op banktegoeden, dus betaal je over hetzelfde bedrag meer belasting als het belegd is.

Gerelateerde Artikelen